Ook Belgische huisvestingsmaatschappijen pakken conditiemeting volgens NEN 2767 op

Het onderhoud aan hun vastgoed werd tot voor kort door veel Belgische openbare besturen en sociale huisvestingsmaatschappijen op curatieve basis uitgevoerd: er werd pas ingegrepen wanneer zich een schade had voorgedaan aan een woning of gebouw. Maar in de huidige markt, waarin de financiële middelen beperkt zijn, moeten bestuurders zich in toenemende mate verantwoorden over de onderhoudsbudgetten en de manier waarop deze budgetten worden besteed.
Om onderhoudsbudgetten en -uitgaven goed te kunnen bepalen moet de huidige staat van onderhoud van het vastgoed- of woningbezit (in België het ‘patrimonium’) worden vastgesteld, evenals de gewenste staat van onderhoud. Aan de hand hiervan kunnen de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen en -kosten worden bepaald. De in Nederland veel toegepaste methodiek NEN 2767 Conditiemeten begint ook in België voet aan de grond te krijgen om de staat van onderhoud van gebouwen en installaties op een uniforme manier vast te stellen en te vertalen naar een betrouwbare meerjaren begroting.
Ook binnen de Gentse sociale huisvestingsmaatschappij WoninGent ontstond in 2016 de behoefte om de staat van onderhoud van de woningen te bepalen met behulp van de NEN 2767 methodiek. WoninGent bepaalde dat plaatsbeschrijvers deze taak op zich zouden nemen. Om deze medewerkers de juiste kennis over conditiemeten te geven, vroeg WoninGent Helix Academy om in juli 2016 een incompany training op het gebied van NEN 2767 te organiseren voor 6 plaatsbeschrijvers en het afdelingshoofd. Gedurende het opleidingstraject leerden de deelnemers de theorie en achtergronden van de NEN 2767 methodiek kennen en de methodiek zelfstandig toe te passen tijdens twee praktijkdagen. Tijdens dit praktijkdeel werden diverse veldinspecties aan woningen uit het patrimonium uitgevoerd onder begeleiding van Helix-docent Peter van der Landen. Ter afronding van de opleiding gingen de cursisten tijdens het laatste dagdeel aan de slag met verwerken van inspectiegegevens tot een meerjaren onderhoudsplanning en de invoer van de inspectiegegevens in planningssoftware.
Afdelingshoofd Miguel-Lyssens Danneboom blikt tevreden terug op het opleidingstraject. “De cursus was zeer goed opgebouwd en goed afgestemd op de achtergrond en beperkte theoretische kennis van de deelnemers. Docent Peter van der Landen gaf duidelijke uitleg en heeft veel kennis van zaken. De vele praktijkvoorbeelden en inspecties in de woningen maakten de lesstof erg aansprekend en goed toepasbaar voor ons dagelijks werk. Met de opgedane kennis zijn we in staat op een meer gestructureerde manier naar onze woningen te kijken en een gedegen onderhoudsplanning op te stellen.”